Tarik Toufik brengt een ode aan Peter Mullenberg

Khalid Toufik, geen beroepschrijver maar wel opgeleid als historicus, heeft als lid van de Nederlandse Boksbond en actief bij de Utrechtse boksschool Verbon zijn bewondering voor Peter Mullenberg aan het papier toevertrouwd, met een kritische kanttekening hier en daar naar de organisatie van het toernooi in Rio. De redactie wil u dat niet onthouden.

 UITBLINKER IN SPORTIVITEIT EN bESCHEIDENHEID

Ik heb een paar dagen getwijfeld of ik dit zou moeten schrijven, en bovenal of ik dit zou moeten laten lezen aan een breder publiek. Drie dingen hebben mij doen besluiten om toch een poging te wagen.

Ten eerste het feit dat Peter Mullenberg, (maar zeker ook Enrico Lacruz) helaas weinig lof krijgt voor een historische prestatie. Ten tweede omdat ik in het bijzonder Mullenberg een hart onder de riem wil steken en enige twijfel bij hem over zijn optreden in de wedstrijd tegen de Azeri wil helpen voorkomen. Ten derde omdat hij het als sportman en vlaggenschip van het Nederlandse heren boksen gewoonweg verdient.

Je als Nederlandse bokser kwalificeren voor de Olympische Spelen staat tegenwoordig zo ongeveer gelijk aan goud winnen bij het dameshockey. Dat is jammer voor het boksen an sich, maar tegelijkertijd des te bijzonder dat het drie Nederlandse boksers dit jaar is gelukt. De NOS die kiest voor herhalingen van het wielrennen, in plaats van het rechtstreeks vertonen van La Cruz en Nederlands eerste bokswedstrijd op een Spelen in 24 jaar, is een goed voorbeeld van het gebrek aan waardering voor deze topatleten.

Over de uitschakeling van Mullenberg kun je veel dingen zeggen. Ik denk dat zijn teleurstelling over de jurering terecht was. Vele Nederlandse kijkers delen die mening met mij, al zijn ook wij natuurlijk enigszins gekleurd. Een ding is echter klip en klaar: het gebrek aan duidelijke regels en sancties bij onrechtmatige handelingen voor de boksers in de ring en scheidsrechters daarbuiten. Dit zal de AIBA, de liefhebber en vooral de boksers op deze manier nog lang dwarszitten.

Het enige consequente aan het optreden van de scheidsrechters op het toernooi waren de veel gehoorde “no holding!” en “heads up!”, om er vervolgens na de honderdenachtste keer helemaal niks mee te doen.

Dit zorgt er ook voor dat de scores bij rommelige partijen, die al moeilijk genoeg zijn te beoordelen, nog sneller in twijfel getrokken worden. Voor welke gevolgen dat kan hebben voor het imago van het olympisch boksen verwijs ik u door naar het interview met de verliezend kwartfinalist bij de bantamgewichten Michael Conlan: “Amateur boxing stinks, from the core to the top”.

Dan wil ik terug naar Peter Mullenberg zelf. Een jongen die ik een paar keer de hand heb mogen schudden en die boven alles uitblinkt in sportiviteit en bescheidenheid. Altijd respectvol naar zijn tegenstanders in de ring, en dankbaar naar zijn volgers daarbuiten. Naast het vlaggenschip van het Nederlandse heren boksen, wat mij betreft ook het vlaggenschip van sportiviteit.

De grootste waarde die hij misschien wel heeft zit hem dan ook in zijn voorbeeldfunctie. Ik hoop dat hij jongens als La Cruz, Korving en van der Pas inspireert tot het blijven volgen van hun droom. Meer dan vijftien jaar aan bloed, zweet en tranen heeft het gekost. Ik denk dat hij zittende in het zonnetje van Rio, denkend aan de warme ontvangst door zijn vrouw en zoontje bij terugkomst in Nederland, helemaal nergens spijt van heeft.