In memorian Jan de Bruin

Met het overlijden van Jan de Bruin op de ochtend van vrijdag 25 januari (3 weken voor zijn 96e verjaardag), moeten we afscheid nemen van waarlijk een van de allergrootsten uit de Vaderlands Boksgeschiedenis.

Ter gelegenheid van de Bruins 80e verjaardag schreef ik: ‘Over de Bruins wapenfeiten (en blessureleed) zou men  gemakkelijk een boek kunnen schrijven . Niets is minder waar! Zeer ten onrechte wordt zijn naam nog wel eens over het hoofd gezien (m.n. door de latere generaties) als men het heeft over ‘onze Grote Boksers’  De reden? Vaak wordt al gauw gerefereerd aan het feit dat hij nooit een titel veroverde. Dat is inderdaad juist, nou en!! Vanaf eind 1942 tot begin 1953 stond hij maar liefst ruim 70 keer als prof in de ring tegen de besten die er toen maar te vinden waren. Zijn startlijst leest als een spannend jongensboek (als je boks historicus bent). Zijn stijl? Je hoefde alleen maar naar zijn uiterlijk te kijken: Een slanke atleet, met een neus die eerder bij een gymleraar of tenniscoach paste, dan bij het cliché beeld van een bokser. Een stylist puur sang, een Gentleman in de ring, die tóch nog de helft van zijn ruim 50 zeges, voortijdig behaalde (6 onbeslist c.q. zonder uitslag).  Dan bedenke men dat in zijn jaren bij wijze van spreken de top 3 in zijn gewichtsklassen (licht- ,welter- en middengew.) geclaimd  konden door minimaal een man of 5, nationaal zowel als internationaal!

Het mocht dan wel oorlog zijn, gebokst werd er en hoe!!  In 1943 (die eerste 2 zeges dat jaar behaalde hij toen hij nog geen 20 was) stond de Bruin maar liefst 16 keer in de ring. Iedereen bokste tegen iedereen. Nee, een gemakkelijke route naar de top bestond er niet. Zo doende moest de Bruin ook zijn eerste nederlaag incasseren. Meester bokser Jan Nicolaas (toen Nederlands Kampioen lichtgewicht en EK finalist) snoepte hem de zege af. ‘Nicolaas had ‘geen punch’, maar hij kon zuivere stoten afleveren waar je de hik van kreeg’ (aldus de Bruin tijdens ‘Het Kampioenstreffen’ in nov. 1975).    In die tijd was men niet zo panisch voor een nederlaag, als je er maar van leerde èn de Bruin leerde. Winst en verlies dient altijd gezien te worden in de tijd waarin gebokst werd en tegen een achtergrond die veel verder gaat dan de zuivere getalsmatige informatie.                                                                                In die jaren was het niets bijzonders  wanneer  boksers vaker tegen over elkaar in de ring stonden. Soms wel 3, 4 keer. Er moest per slot van rekening ook ‘brood op de plank’ komen èn een goed gematchte partij vandaag, was vaak dé garantie voor een goede belangstelling als de revanche werd aangekondigd. Ondertussen steeg de naam en faam van de Bruin. De Rotterdammer stond zelfs in de zomer van 1944 in het zwaar gebombardeerde Hamburg in de ring. Hij werd getest door sterke Belgen en Engelse boksers, maar ook de eerste Fransen verschijnen op zijn palmares. En niet te vergeten, nog 4 keer Jan Nicolaas met de uiteindelijke balans: 2 verl. 2 gew. en 1 ‘match nul’ (dat was de term destijds)  Na twee met een puntenwinst afgesloten pittige tests tegen o.a. de Britten Rick Sanders (rechtsvoorstaand) en Jack Phillips, 2 blessure nederlagen, maar een goed herstel tegen een ‘1e serie’ Belg, leek het tijd voor de eerste grote uitdaging: Dave Sands. Deze Australische Aboriginal was ‘pound for pound’ dé nr. 1 van zijn land, daarnaast was hij Kampioen van het Britse Empire èn stond hoog op de wereldranking. Boxing News schreef in juni 1949 dat ‘de Bruin een staaltje uithoudings- en doorzettingsvermogen, durf en moed liet zien, die de boksfans aan de Tyneside (New Castle) lange tijd niet hadden gezien. De Bruin bewees dat hij in staat was alles te hanteren en ondertussen in staat was vooruit te boksen’ Veteraan journalist John Jarrett schreef me vrijdag: ‘de Bruin gave Sands quite a stiff argument’.  Met deze prestatie werd de Bruin internationaal geloofd en werd hij zonder enige twijfel, een gevestigde waarde.

Met o.a.  revanche, een solide puntenwinst op de Franse topper Serge Bartélémy, een KO winst op de Fransman Georges Royer (die slechts op punten verloor van George Angelo een Zuid Afrikaan die zijn reputatie in de Britse ring reeds bewezen had), een blessure verlies tegen de Fransman Gilbert Stock (die zich in ’49 de volle 15 ronden staande had gehouden tegen Europees Kampioen Tiberio Mitri), gevolgd door een mooie puntenzege tegen de gevreesde Claude Ritter, zou wellicht de internationaal meest bekende fase in de Bruins boksleven gestalte krijgen.

Het is bijzonder jammer dat sommige (top)boksers ook vaak herinnerd worden door een, of enkele wedstrijden die zij verloren. ‘Winst en verlies ….’ (zie eerder). Natuurlijk weten insiders dat Jan de Bruin voortijdig van Randolph Turpin verloor, maar dat de Bruin voor het oog van 15000 aanwezigen in Coventry Turpin (toen de regerend Europees Kampioen die 4 maand eerder Luc van Dam binnen 1 ronde KO mepte) in de 2e ronde met een rechtse op het canvas deponeerde (Turpins eerst knockdown), is maar bij heel weinigen bekend. Turpin was snel weer op de been, maar moest voor’t einde van de ronde nog wel 2 rechtsen wegsteken. Vanaf dat moment wist Turpin ‘he had a fight on his hands’. Twee maanden later was de Brit wereldkampioen in het middengewicht door niemand minder dan ‘Sugar’ Ray Robinson  op punten te kloppen. Nu was het juist tegen die legendarische  ‘Sugarman’, amper een maand na het verlies tegen Turpin, dat de Bruin in de ring stapte. Deze wedstrijd in Antwerpen zal altijd veel vraagtekens oproepen. Om het kort te houden: het werd geen wedstrijd zoals een wedstrijd moet zijn. De grote man uit Harlem was de handigste, maar hij kon geen vat krijgen op de Rotterdammer, ook al liet Robinson soms pittige series op de Bruin los. Tot grote verrassing raakte de Bruin hem nogal eens met linkse hoeken als SRR wegdook. Maar, aldus de Bruin, ‘ik ging niet in op de tactische en clowneske  fratsen’ De Bruin riep zelfs: Fight!!!’ in de 6e ronde. Die uitnodiging werd niet aangenomen en uiteindelijk weigerde de Bruin, zwaar teleurgesteld in de ‘vertoning’ om in de 8e ronde verder te boksen.

Een half jaar na de partij tegen Robinson, moest de Bruin door een griep noodgedwongen een kans voorbij laten gaan om via en zege op de Brit Dick Langley zijn boksloopbaan nieuwe glans te geven. Nu nam Wim Snoek die honneurs voor hem waar. Hoewel tegen de Toscaan Ivano Fontana (niet lang daarna Italiaans kampioen) de ‘oude de Bruin’ weer te zien was, verloor hij tóch. Weer door blessure.  Er volgden nog 3 zeges, maar gedurende 1952 hield een rugblessure de Rotterdammer buiten de ring. In de lente van 1953 was het voorbij. Gelukkig mocht de Rotterdamse bokswereld zich nog lang verheugen in Jan de Bruins aanwezigheid. Bij wedstrijden was hij een vaste gast en met zijn voorkomen een voorbeeld voor allen.

Vrijdag 25 jan. was een slechte dag voor boksend Rotterdam: Dries Sloof, jaren lang hoeksteen van boksminnend Rotterdam en actief lid van de Dutch Windmill veteranen, overleed eveneens. Van de hand van Sloof hangen op diverse plaatsen in Rotterdam verrekt goed geschilderde werken met, hoe kan het ook anders, verschillende boksmotieven. Tot 1996 zwaaide Dries Sloof de scepter in de boksclub die sindsdien Gerard Boks boksclub is. Het is juist daar waar Jan de Bruin nog graag een kopje koffie kwam drinken op zaterdagochtend.

Nu is het onze taak hun prestaties op de juiste waarde te schatten èn in herinnering te houden, want de tijden met dat soort mannen, voor wie ik met diep respect buig, komt nooit meer terug.

Rinze van der Meer                                                                                                            secr. ProfBoksen Nederland                                                                                    Lid ‘Election Committee International Boxing Hall of Fame’, Canastota NY

 

2 antwoorden
  1. Bertus Goudriaan
    Bertus Goudriaan zegt:

    Fantastisch verhaal over een man die ik in zijn laatste jaren van zijn leven van dichtbij heb mogen meemaken. Een man die ik kende uit het verleden bij Theo Huizenaar, waar hij ons altijd vanaf de zijkant de nodige instructies gaf. Een man die in de laatste ronde van zijn leven de zwaarste prestatie heeft moeten leveren. Jan R.I.P.

  2. Ton van Wieringen
    Ton van Wieringen zegt:

    Een interessant, uitvoerig verhaal waaruit blijkt hoe goed De Bruin was.
    Dat boksen niet ongezond is, bewijst zijn hoge leeftijd.

Reacties zijn gesloten.