Beginner in Bunnik: ,,Kom maar op Fight Night. We komen eraan”.

Op 6 december organiseren Ondernamen en Studio A12 Bunnik voor de tweede keer een business boksgala. Tijdens de ‘Fight Night’ strijden ondernemers uit de regio tegen elkaar in de ring. Twintig man met weinig tot geen bokservaring worden in drie maanden door twee ervaren trainers en onder auspiciën van de Nederlandse Boksbond, klaargestoomd om de ring in te stappen. Menno Kouveld is een van hen. Hierbij zijn eerste indrukken.

‘Getting strong now’

“Moet je doen, is lachen.” “Een keer in je leven moet je in zo’n ring hebben gestaan.” “Bucket list dingetje”. Met ongeveer die woorden zijn, denk ik, de meesten van de twintig deelnemers overgehaald om aan dit avontuur deel te nemen. Waar we ja tegen hebben gezegd zal pas duidelijk worden als de trainingen beginnen, maar de voorpret is er niet minder om: Pim had er zin in, Robin van Loenen had nieuwe schoenen… de toon was gezet.

De datum is nog ver weg, maar de strijd begon wat mij betreft meteen al. Op de rand van mijn bed. Vooruit is afzien. Achteruit is terugploffen in het comfort van je bed. Het is net het leven. Voor een aantal mannen in de groep is om half zes opstaan dagelijkse kost, weet ik inmiddels. Ik draai me op dit tijdstip altijd nog een keer om. Het kost me dus even moeite om de stap te zetten, maar toch is er geen twijfel. Zelfs niet nadat me na de eerste keer duidelijk werd: dit gaat pijn doen.

Op dag één verzamelt een groep mannen (in tegenstelling tot vorig jaar geen vrouwelijke deelnemers dit keer), die elkaar voor het grootste deel niet kennen, zich bij boksschool de Voltreffer in Nieuwegein. Het voorstelrondje maakt duidelijk dat je nooit te oud bent voor een avontuur als dit. De meeste deelnemers zijn 40 of zelfs 50-plus. Iets anders wat opvalt is dat een brede groep mensen is te porren voor een potje businessboxing, of je nu kapperszaken hebt, een computerhandel, een installatiebedrijf of een communicatiebureau. En alles daartussen.

Boris van der Vorst, voorzitter van de Nederlandse Boksbond, spreekt de aanwezigen nog even moed in en legt uit waarom de boksbond betrokken is bij dit soort evenementen. Ze willen graag de bokssport promoten, maar er ook voor zorgen dat evenementen als dit veilig en volgens de regels verlopen. Klinkt als een goed idee. Ook prettig voor de deelnemers.

Na de formaliteiten is het tijd voor het echte werk. Trainer Peter Zwezerijnen doet niet aan ‘rustig opstarten’, maar geeft iedereen grijnzend een springtouw en zet de klok op drie minuten. Sommigen bekijken het springtouw en krijgen vooral flashbacks van hun lagere schooltijd. Meisjes op het schoolplein. Dat werk. Toch hebben de meesten de slag al snel redelijk te pakken of doen in elk geval hun stinkende best.

Ik doe het redelijk soepel maar sta na drie minuten al wel te hijgen als een postpaard. En dit was nog maar het begin. Conditie-oefeningen gaan in hoog tempo door. Het is even wakker schrikken, maar voor het grootste deel van de groep is dit, naast de uitdaging om een keer in de ring te staan, ook de belangrijkste motivatie om mee te doen: fit worden. De meesten doen wel een sport, maar een bokstraining is wel even iets anders. Dat weten de volgende dag ook mijn spieren weer.

Twee dagen later is de volgende training. Dit keer in Zeist bij Boksschool Sedney. Net als de Voltreffer is de boksschool van Eugène Sedney een supernette trainingslocatie. Beide scholen zijn precies wat je van zo’n plek verwacht: mooie oude affiches van bokswedstrijden en iconische afbeeldingen van ‘The Greatest’ aan de muur, grote spiegels, bokszakken en natuurlijk, de ring.

Sedney pakt het net iets anders aan dan Zwezerijnen. Hij besteedt bijna de volledige les aan de basis. Bokshouding, linkse directe, rechtse directe, hoeken, veel aandacht voor de juiste techniek. Conditie kunnen we ook thuis doen vindt Sedney. Het maakt de training niet minder pittig.

Na bijna een uur kost alleen al het in de lucht houden van je armen, of beter gezegd, je dekking dichthouden, al je energie. Maar we moeten er nog een laatste oefening uitpersen. Op de beroemde muziek van Rocky oefenen we nog een keer op tempo op de zak. Na een keer of vijf is dat tempo er aardig uit, maar als ik in de tien seconden rust mijn ogen even sluit, zie ik Stallone in zijn rol als Rocky Balboa weer de trappen oprennen in Philadelphia. Gonna fly now.

Kom maar op fight night. Wij komen eraan.